HD windmolens kust goedkoper

Haarlems Dagblad – januari 2014

In dit artikel claimt minister Kamp dat bouw vlak voor de kust goedkoper is. En trekt ‘en passant’ de rapporten in opdracht van de betrokken ministeries vervaardigd, in twijfel. Ofwel – ‘ik gebruik alleen hetgeen mij welgevallig is’

 

Henk Kamp geeft toelichting op werkzaamheden

Oproep aan minister EZ

Eerste oproep aan de ministeries van EZ en I&M, waarin Bewonersplatform Leefbare Kust de ministers oproept geen prachtig stuk natuur vol te bouwen met ‘een parelketting van windmolenparken’. BLK waarschuwt hierin al voor de gevolgen voor het toerisme, op basis van buitenlandse onderzoeken.

Ministerie van Economische Zaken

Jan Vos

Onderzoek naar Near Shore windmolenparken

Waarom laat Minister Kamp onderzoeken of aanleg van windmolenparken dicht onder de kust zoveel voordeliger is?

Dit besluit is te herleiden naar 15 januari 2013. Tijdens een debat over de begroting van EZ stelde Jan Vos – PvdA – het volgende: ‘Het is ongeveer 40% goedkoper om een Nearshore park te ontwikkelen dan een offshore park. Voor een deel heb je voor een Offshore park andere innovaties nodig, bijvoorbeeld grotere schepen die die pijlers afzinken. Voor een deel kun je de Near Shore innovatie echter ook gebruiken voor Offshore innovatie. We verzesvoudigen het totaal aantal windmolens op zee in vergelijking met het aantal dat nu is vergund. Bij drie van die parken praat je ruwweg over 50% van het totaal te plaatsen parken. Daar zeg ik wel bij dat ik de minister heb gevraagd om een haalbaarheidsstudie’

Een typisch staaltje van klok en klepel. Wat de heer Vos ergens had gelezen of gehoord, is, dat de windindustrie aan heeft gegeven dat de productiekosten per KWh elektriciteit in de toekomst mogelijk 40% goedkoper zou kunnen. Dit is ook in het in 2013 afgesloten energieakkoord opgenomen. Een (boterzachte) verwachting, gestoeld op aannames zoals:

-        Er wordt veel kennis opgedaan bij het ontwikkelen en plaatsen van dergelijke grote parken. Dit moet leiden tot prestatieverbetering c.q. kostenverlaging

-        Schaalgrootte leidt tot economische voordelen

-        Wij verwachten dat de molens beter en efficiënter zullen worden.

Het Economisch Bureau van de Bouw heeft inmiddels al aangegeven, dat 25% een ‘hele uitdaging’ wordt.

Stel dat de industrie er werkelijk in slaagt om – op termijn – een dergelijke besparing kan realiseren. Wij kunnen dan niet anders concluderen dat dit niets te maken heeft met de bouwlocatie, maar alles met verwachtte technische ontwikkelingen en schaalgrootte.

Met andere woorden: Dit voordeel geldt voor parken die op 5,4 km uit de kust geplaatst worden als ook voor parken die op 54 km uit de kust geplaatst worden!!

 Als Jan Vos gewoon opgelet had, had hij deze conclusie ook kunnen trekken. Dit zelfde geldt voor minister Kamp. Wij kunnen zijn redenering wel volgen. Als het 40% voordeliger zou zijn, zou dat miljarden Euro’s schelen.

 

Het positieve uit dit scenario is wel, dat uit onderzoek vanuit de ministeries het volgende blijkt:

  1. De kosten van plaatsing vlak onder de kust versus ver uit de kust levert een voordeel op in contante waarde – over de hele 20 jaar – van bijna € 200 miljoen op.
  2. De totale investeringen vanuit het bedrijfsleven om 4450 MW aan windmolens op zee neer te zetten, bedraagt circa € 15 miljard.
  3. De totale subsidie die hiermee gemoeid is, bedraagt € 18 miljard.
  4. Plaatsing op 5,4 km uit de kust jaagt toeristen weg en laat een banenverlies zien dat loopt van 5900 (cijfers onderzoek kustgemeenten) tot 13000 (op basis van cijfers van NBTC en Koninklijke Horeca Nederland)

 Een besparing van € 200 miljoen is slechts 0,6% van de totaal kosten van het project. Een bedrag dat bij dit soort projecten verdwijnt in de foutenmarge. Daarvoor jaag je de toeristen niet weg. Daarvoor sta je geen banenverlies op deze schaal toe.

 Schone energie? Ja!!

Maar wel op een maatschappelijk en sociaal verantwoorde manier!!