Need to know

Wat is de aanleiding om te onderzoeken of aanleg van windmolenparken onder de kust veel voordeliger kan? Het lijkt dat het onderzoek zich niet richt op de ‘of’ vraag, maar meer op de ‘hoe maken wij het mogelijk’ vraag. Hieronder een aantal feiten op een rij.

Uitgelichte doelstellingen van het energieakkoord

16% van alle energie in Nederland moet duurzaam zijn in 2023

  • 80% van alle energie in Nederland moet duurzaam zijn in 2050
  • Terugbrengen van CO2 uitstoot met 20% in 2023

Status 2014

Nederland produceert 4% duurzame energie

  • Ministerie van Economische Zaken (EZ) wil versnelling om te voldoen aan de Europese afspraken
  • De Europese afspraken reppen overigens over ‘het gebruik van duurzame energie’, niet over ‘de opwekking’ hiervan.
  • Huishoudens in Nederland gebruiken ca 20% van alle energie
  • De Nederlandse industrie gebruikt ca 80% van alle energie

Kostenvergelijking windenergie – bron SDE+ 2014, ECN in opdracht van EZ

  • Op land –  7 eurocent/kwh
  • Op zee < 10 m diepte –  13,5 eurocent/kwh
  • Op zee > 10 m diepte – 15 eurocent/kwh

Uitgangspunt Ministerie EZ – kamerdebat voorjaar/zomer 2013 – 40% voordeliger

Bouwen in ondiep water is 40% goedkoper (Jan Vos / PvdA – Henk Kamp / VVD), 13 januari 2013

  • Op basis hiervan en omwille van een ‘versnelling in de aanleg van windparken op zee tegen minder kosten’, besluit Minister Kamp te laten onderzoeken hoeveel voordeliger aanleg binnen de 12 mijlzone is.

Activiteiten Gemeente Zandvoort / OBZ / BLK

Gemeente Zandvoort, OBZ en BLK (en vele andere maatschappelijke organisaties en overheden) hebben hier ernstige bezwaren tegen uitgesproken. Op basis van deze bezwaren zijn zij uitgenodigd deel te nemen aan deze onderzoeken.

  • Tijdens deze deelnamesessie hebben wij de eis gesteld een onderzoek te laten doen naar het effect van windmolenparken op het toerisme langs de Nederlandse Kust.
  • Een standaard procedure van de overheid is, een Maatschappelijke Kosten Baten Analyse (MKBA) te laten doen om ‘alle (maatschappelijke) effecten’ van deze beslissingen te wegen.

Onderzoek resultaat – 17 % – 22% minder bezoekers. bron: ZKA in opdracht van Ministeries EZ en I&M.  klik hier

Significante effecten op bezoek aan kusten gebaseerd op een foto waar één windmolenpark  van ongeveer 30 molens zichtbaar opgesteld staan.

  • 45% van Nederlandse toeristisch recreatieve bezoekers en ca 35% van de Duitse verblijfstoeristen geeft aan dat dit de beleving negatief zal beïnvloeden.
  • Ca 22% recreanten geeft aan deze kust (veel) minder of niet meer te zullen bezoeken. (Duitsers 20%)
  • Effect zal (onderkend door Rijkswaterstaat / Ministerie van Infrastructuur en Milieu) ernstiger zijn bij meerdere windparken (Amalia, Luchterduinen en eventuele parken op 6 km uit de kust), ofwel eenstapeling van windmolenparken,

40% Kostenreductie – niet afhankelijk van plaatsing maar van ‘verwachte’ ontwikkelingen. Boterzacht!!

Het Energieakkoord gaat uit van een mogelijke kostenreductie van 40% per opgewekt kilowatt/uur. Dit is het gevolg van:

  • Leerproces, efficiëntere productie, verwacht beter rendement windturbines
  • In de afgelopen jaren zijn de kosten per Kwh uitsluitend toegenomen.
  • Onafhankelijke bronnen verwachten dat deze 40% niet gerealiseerd wordt.
  • Het Economische Bureau van de Bouw vindt 25% al een ‘enorme uitdaging’.
  • In het Energieakkoord op pagina 70 is een voorbehoud opgenomen ten aanzien van deze 40% kostenreductie

Economische effecten afgeleid uit dit onderzoek – verlies van 11500 banen.

  • Jaarlijkse uitgaven langs Nederlandse kust in recreatieve sector bedragen € 4,5 miljard (bron: Pantea)
  • Een terugloop met 22% van de bezoekers resulteert in een afname van bijna  € 1 miljard.
  • De gemiddelde omzet per werknemer (FTE) in deze sector € 85.000/jaar. (bron: Koninklijke Horeca Nederland)
  • Een terugloop van € 1,1 miljard heeft resulteert in een verlies van ca 11.500 voltijd banen in de toeristische sector langs de Nederlandse kust. Gezien het seizoens- en parttime karakter is het aantal getroffenen een factor 1,6 groter.  
  • Veel gemeenten langs de Nederlandse kust zijn sterk tot zeer sterk afhankelijk van de inkomsten uit de toeristenindustrie.
  • Voor Zandvoort betekent dit een verlies aan ca 1800 voltijdbanen; dit beïnvloedt de directe werkgelegenheid van ca 2600 personen. (parttime vs voltijd)

Werkgelegenheid door windparken – bron: Eneco Luchterduinen

  • Basis voor deze berekening is het aantal voltijdbanen tijdens en na de bouw van Luchterduinen, geëxtrapoleerd naar 4450 MW op zee.
  • 8000 voltijd banen tot 2023 (verlopend, want niet alle parken worden gelijktijdig gebouwd)
  • 1400 voltijd banen na oplevering (inclusief alle onderaannemers)
  • Een berekening gedaan door het samenwerkingsverband ‘Platform Maritiemen Windmolenparken laat een terugloop zien van bijna 6000 banen. Het verschil wordt verklaard door het aantal dagjesmensen / verblijfstoeristen dat hierbij gebruikt werd. Dit is aan de behoudende kant.

Resultaat Maatschappelijke Kosten Baten Analyse – bron: DECISIO in opdracht EZ klik hier

Maatschappelijk rendement is hoger binnen de 12 mijl zone, dus voordeliger voor minister Kamp

  • Effecten op andere functies zijn vaak negatiever binnen de 12 mijl zone (recreatie, ecologie, zandwinning)
  • Als alle molens voor de Zuid-Hollandse kust (tussen Wassenaar en IJmuiden) geplaatst worden, kost dat  – over de hele periode van 20 jaar – € 200.000 per MW meer.
  • Op basis hiervan hebben wij berekend – en gecontroleerd bij Decisio – dat de gekapitaliseerde waarde hiervan € 700 miljoen bedraagt. Periode bedraagt 20 jaar.
  • Per jaar is dat een verhoging van € 35 miljoen.
  • Bij verspreide plaatsing bedraagt het voordeel slechts € 200 miljoen (gekapitaliseerde waarde – rapport Decisio).

Investeringen en subsidies – bron: ECN SDE+ 2014, Energieakkoord SER 

Berekeningen van ECN (SDE +2014) gaan niet verder dan 2020. Het grootste deel van de investeringen zal echter gedaan worden na 2020.

  • Subsidie, die zal worden toegekend voor parken te bouwen tot 4450 MW bedraagt € 18.miljard.
  • Totaal investeringen in deze windparken (verhoging van 14% naar 16% van de duurzaam opgewekte energie) zal € 33 miljard (bij terugbrengen van de kosten met 40% per Kwh). Subsidiedeel hiervan is  € 18 miljard, de bouwkosten (3450 MW) circa € 15 miljard.
  • Deze ‘subsidie’ wordt betaald via de energienota. Voor het gemiddelde Nederlandse huishouden betekent dit een verhoging van € 1000 per jaar in 2023. Dit is exclusief te verwachten verhogingen voor netwerkbeheer én de belastingen die over de energienota geheven worden.

 

Conclusie

  • Windparken buiten de 12 mijlzone zijn – gekapitaliseerde waarde over 20 jaar – tussen de € 200  en € 700 miljoen duurder. Dit gaat uit van plaatsing binnen de 12-mijlszone van de gehele 3450 MW.
  • Dit is een extra investering van 0,6% tot 1,5% van het totaal te investeren bedrag, uitgaande van plaatsing van 3450 MW binnen de 12-mijlszone.
  • Uit de diverse rapporten blijkt echter, dat er binnen de 12-mijlszone slechts tussen de 350 MW en 900 MW geplaatst kan worden. De 900 MW houdt geen rekening met de harde en zachte – bestaande – belemmeringen. de 350 MW houdt hier wel rekening mee.
  • Dit betekent dat de besparingen slechts een deel van de eerder genoemde € 200 miljoen tot € 700 miljoen zullen bedragen.
  • Deze zullen beperkt zijn tussen de 10% – 25% hiervan.
  • Op termijn – van 16% naar 80% duurzame energie – moeten parken toch ver buiten de 12 mijl zone geplaatst worden. Hiervoor is binnen de 12 mijl zone geen plaats
  • Begin daar dan nu vast mee, want….
  • Plaatsing achter de horizon laat de werkgelegenheid van ruim 6000 mensen intact
  • Plaatsing achter de horizon laat de (in energieakkoord overeengekomen) werkgelegenheid in de windindustrie intact
  • Plaatsing achter de horizon geeft Nederland de kans zich als kennisland verder te ontwikkelen en profileren (doelstelling kabinet)
  • Plaatsing binnen de 12 mijlzone zal de door dit kabinet gewenste versnelling ernstig vertragen door te verwachten maatschappelijke weerstand en hieruit voortvloeiende procedures
  • Mogelijke kostenbesparingen – tot de verwachte 40% – hebben niets te maken met de locatie, maar met verwachte ontwikkelingen. Wanneer deze gerealiseerd zouden worden, geldt dat ook voor plaatsing achter de horizon!!